Waarom een oriëntatiejaar verschil maakt
Ruimte om te ontdekken, binnen een structuur die houvast geeft.

Niet elke jongere vindt direct zijn plek binnen het onderwijs. Sommigen lopen vast. In hun studie, in verwachtingen of simpelweg in zichzelf.
Voor die groep is er het DRP mbo-oriëntatiejaar. Een jaar binnen het onderwijs, maar met een andere insteek. Minder focus op cijfers en prestaties, meer ruimte voor persoonlijke ontwikkeling en oriëntatie. Niet los van structuur, maar met ruimte om te ontdekken wat past.
Ruimte om zelf te ontdekken
Binnen het oriëntatiejaar draait het om eigenaarschap, binnen een duidelijke opbouw. Studenten krijgen lessen Persoonlijk Leiderschap, volgen gastlessen en gaan op bedrijfs- en scholenbezoeken om zich te oriënteren. Daarnaast is er intensieve individuele begeleiding.
Binnen die context bepalen studenten ook hun eigen doelen. Wat willen ze leren? Waar willen ze beter in worden? En wat vinden ze spannend, maar toch belangrijk om te proberen?
Margot begeleidt dit traject als mentor en coach binnen het oriëntatiejaar voor jongeren die zijn vastgelopen in het onderwijs. Ze staat naast de studenten, niet erboven.
“Veel jongeren die hier binnenkomen hebben al van alles geprobeerd,” vertelt ze. “Wat vaak ontbreekt, is de ruimte om het zelf uit te zoeken. Om te ervaren wat werkt voor hén.”
Award wordt binnen dit jaar ingezet als manier van werken. Niet als los programma, maar als praktisch kader waarin jongeren zelf richting geven aan hun ontwikkeling.
Eigenaarschap als verschilmaker
Waar veel onderwijs stuurt op vaste paden, vraagt dit traject iets anders: verantwoordelijkheid nemen voor je eigen proces. Dat begint klein. Keuzes maken. Twijfelen. Bijsturen. “Ze worden verantwoordelijk voor hun eigen ontwikkeling,” zegt Margot. “En dat zie je bijna nergens in het onderwijs.” In het begin is dat wennen. Veel jongeren zijn gewend dat iemand anders het tempo bepaalt of de richting aangeeft. Binnen dit jaar worden ze daarin begeleid, maar ook uitgedaagd om zelf stappen te zetten.
Groei zit in het doen
Een van de studenten vond het spannend om vrijwilligerswerk te doen. Nieuwe mensen, een onbekende omgeving. Alles in haar zei dat ze het niet moest doen. Toch begon ze. Niet omdat het moest, maar omdat ze zelf had besloten dat dit haar doel was.
Langzaam veranderde er iets. Ze ontdekte dat ze van betekenis kon zijn. Dat ze meer kon dan ze dacht. En dat gevoel werkte door in de rest van haar traject. Dit soort ontwikkeling zit niet in grote doorbraken. Het zit in kleine momenten. Iets wat eerst niet lukte, en later wel. Of het besef achteraf: dit heb ik zelf gedaan.

De rol van begeleiding: loslaten als vak
Dit vraagt ook iets van begeleiders. Minder sturen. Minder oplossen. Meer vertrouwen op het proces, zonder de begeleiding los te laten. “Je moet durven loslaten,” zegt Margot. “En erop vertrouwen dat jongeren zelf stappen zetten, binnen de begeleiding die er is. Dat is soms lastig, maar precies wat ze nodig hebben.” Begeleiding verschuift van sturen naar spiegelen. Van antwoorden geven naar vragen stellen. Altijd aanwezig, maar nooit overnemend.
Structuur zonder dicht te regelen
Award biedt hierin een helder kader, zonder alles dicht te timmeren. Het sluit aan op burgerschap en is praktisch in te passen binnen onderwijs of begeleidingsprogramma’s. Maar belangrijker: het werkt voor jongeren die niet vanzelf hun weg vinden. Niet door ze te sturen, maar door ze ruimte te geven.
Terug naar regie
Uiteindelijk draait het om één ding: regie. “Het helpt ze om weer regie te nemen,” zegt Margot. “En dat is misschien wel het belangrijkste wat je ze kunt meegeven.” Want ontwikkeling begint niet bij weten, maar bij doen. En ontdekken wat werkt, begint altijd bij jezelf.